Welkom
Het boek
Voor wie?
Over de schrijver
Werkplaats
Nieuws
Weblog Gerard Besten
Interessante links
Bestellen
Augustus '10: De formule nader uitgelegd voor zorgaanbieders
Juni '10: Trage pingpongballen
Oudere Weblogs Gerard Besten
oktober 2010
April, 2010
Januari, 2012
Februari, 2012
April, 2012
Weblog Gerard Besten
RSS
KLIK, het nieuwe wapen in de Jeugdzorg
2012/04/10 10:35:47
De omgang met kinderen en jongeren met hechtingsproblematiek kan ontluisterend, energie opslorpend en demotiverend werken op de opvoeders.
Een heel groot deel van de vroegtijdig afgebroken plaatsen in de pleegzorg wordt geweten aan hechtingsproblematiek. Het is moeilijk vol te houden met kinderen die in het dagelijkse contact je pijnlijk raken in je gemoed, je bot afweren in je beste bedoelingen en ondertussen een gepijnigde blik in de ogen hebben. Het is ontmoedigend om ’s avonds moe en uitgeblust de balans van de dag op te maken en te ervaren geen echte verbinding met dat ene kind te hebben.
Professionals van verschillende aard adviseren pleeg- en gezinshuisouders om dan afstand in acht te nemen. Bij veel sollicitatieprocedures wordt dat zelfs meegenomen als competentie.
 
Ik ben van mening dat dat een totaal verkeerde opvatting en advies is. Deze kinderen vragen niet om afstand; hebben dat ook helemaal niet nodig. Ze behoeven juist nabijheid, maar de vraag is wel hoe je die nabijheid invult………
 
Ik moest hier sterk aan denken toen ik gisteren de kamerbrief over kwaliteitsbeleid voor de brede zorg voor jeugd, van de staatssecretaris aan de Tweede Kamer las.
 In het document van 9 pagina’s kwam ook 9 keer het begrip “de klik” voor.
 
“Het beginpunt voor medewerkers in de jeugdzorg is om een zodanige relatie op te bouwen dat het kind zich in veilige handen voelt. Dat noemen we in werktermen ook wel „de klik‟. Dit is voorwaardelijk voor het samen formuleren van de bij het kind passende doelen op een zodanige wijze dat het kind gemotiveerd is om daarheen te werken.
Jeugdzorgmedewerkers dienen te kunnen beschikken over de competenties die leiden tot dat doel:
- Het maken van de klik
- Het vinden van de haalbare doelen die bij het kind passen
- En het motiveren van het kind om daar vanuit eigen kracht aan te werken.
De zorg gebeurt in de kern binnen de wederkerigheid van de relatie tussen cliënt en zorgwerker. Daar moet het klikken”.
( uit de Kamerbrief: Kwaliteitsbeleid voor de brede zorg voor Jeugd 02 april 2012)
 
Een zodanige relatie opbouwen dat het kind zich in veilige handen voelt.
Daar valt wel iets meer over te zeggen dan “klik”. In genoemde Kamerbrief komt de staatssecretaris ook niet veel verder dan het aanstippen van het belang van een goede relatie voor de veiligheid van het kind. Dat bevreemd me, omdat de brief wel gaat over het Kwaliteitsbeleid.
 
De Jeugdzorg vraagt om een andere invulling van kwaliteit dan gangbaar. Niet louter statische opvattingen in de zin van geprotocolleerde programma’s, maar een duurzame kringloopbenadering van autoriteit, sensitiviteit en responsiviteit.
Dat is een bewustvolle en andere invulling van nabijheid.
 
Die benadering geldt niet alleen voor opvoeders zoals pleeg- en gezinshuisouders.
Zij geldt ook voor allen die deel uitmaken van de Jeugdzorg; de behandelcoördinatoren, managers en bestuurders.
Zij geldt ook voor de staatssecretaris; goed beleid vraagt ook van haar een zodanige relatie op te bouwen dat de Jeugdzorg zich in veilige handen voelt.
 
Documentaire B.V. Het Gezin
2012/02/21 15:08:44
 
Documentaire B.V. Het Gezin ” In relatie iemand opvoeden”
 
Jan Zandijk is een ouwe rot in het veld van de Jeugdzorg. Hij was o.a. uitvoerend jeugdhulpverlener, directeur en bestuurder.
Recent verscheen een weblog van hem op de website van de Alliantie Kind en Gezin:
 
Uit die weblog:
Al jarenlang ben ik bezorgd over de geringe verandermogelijkheden en veranderbereidheid in de jeugdzorg. Daarom ben ik enthousiast over wat de Alliantie Kind in Gezin beoogt: meer kleinschalige gezinsachtige vormen van jeugdzorg waar mensen leven en werken die echt geïnteresseerd zijn in wat voor ‘hun' kinderen op het spel staat, die daarbij aansluiten en die doen wat gedaan moet worden: liefdevol en respectvol dag en nacht voor hen zorgen. In relatie en niet ingesnoerd in werkroosters, vrije dagen, nachtdiensten en vergaderschema’s.
 
Dat vind ik mooi beschreven; zonder opsmuk en precies de spijker op de kop.
Wat vanzelf ontstaat (ontstaan is) in onze samenleving is  vervreemding.
Wat moet ontstaan is verbinding en die ontstaat niet dankzij, maar eerder ondanks systemen.
Verbinding ontstaat, zoals Jan Zandijk dat aangeeft, waar echte interesse is voor datgene wat voor de ander op het spel staat en die daarbij aansluiten en doen wat echt gedaan moet worden.
 
Op 15 maart a.s. om 14.05 uur wordt op Ned. 2 de documentaire B.V. Het Gezin herhaald. Deze documentaire toont  een levende praktijk van bovenstaande.
De documentaire heeft veel losgemaakt bij kijkers, blijkens reacties naar de fam. Erlings, de NCRV en verschillende jeugdzorgaanbieders. Men heeft kunnen zien en meemaken waar echte interesse toe kan leiden in de Jeugdzorg.
 
15 maart, 14.05 uur Ned. 2; van harte aanbevolen!
 
 
In het spoor van Hans Teeuwen
2012/01/12 17:18:52
Vooruitzien; laat zien waar je (zelf) staat….
 
Aan het einde van het jaar maken we de balans op. Wat hadden we ons voorgenomen, hoe is het verlopen en welke lering trekken we daaruit? Wat nemen we ons voor?
Hoe gaan we om met de uitdaging die Transitie Jeugdzorg heet?
 
Roerige tijden vragen om een vooruitziende blik. Maar ja, wie heeft die?
 
Er zijn wel mensen die dat hadden; mensen die hun tijd ver vooruit waren. Jung was zo iemand.
Carl Gustav Jung is de grondlegger van de analytische psychologie.
Hij was zijn tijd ver vooruit en hij wist dat als kind al. Dat was meteen ook één van de zaken waar hij ongelukkig over was; hij wist dat hij (nog) niet begrepen werd.
Jung was als kind vrij eenzaam en introvert; een uitdrukking die hij zelf zou toevoegen aan de psychologie.
In zijn autobiografie “Herinneringen, dromen, gedachten”, blz. 119 maakt Jung een uitermate krachtig statement over het belang van het individuele begrijpen.
 
Theoretische veronderstellingen moeten heel voorzichtig toegepast worden. Vandaag zijn ze misschien geldig, morgen kunnen het andere zijn. In mijn analyses spelen ze geen rol. Zeer opzettelijk ben ik niet systematisch. Voor mij bestaat er ten opzichte van het individu alleen maar het individuele begrijpen. Voor elke patiënt heb je een andere taal nodig. Men kan mij in de ene analyse ook Adleriaans horen spreken of in een andere Freudiaans.
Het beslissende punt is dat ik als mens tegenover een ander mens sta. De analyse is een dialoog tussen twee partners. Analyticus en patiënt zitten tegenover elkaar – oog in oog. De arts heeft iets te vertellen, maar de patiënt ook.”
 
Vooruitkijkend naar de komende jaren, waarin de transitie Jeugdzorg zijn beslag zal krijgen, zal het steeds belangrijker worden het individu te blijven zien. Stelsels hebben de neiging te uniformeren terwijl de menselijke aard individueler wordt. Het compensatiebeginsel in de transitie Jeugdzorg riekt naar uniformeren, terwijl het in de Jeugdzorg van alledag (de zgn. werkvloer) gaat om het (h)erkennen van die ene unieke persoon.
 
De tijdsgeest appelleert aan een actieve interesse in die ene andere.
Professionals kunnen niet meer leunen op systemen of methodieken. Zij zullen hun vermogen moeten ontwikkelen om iedere jongere te nemen zoals hij is.
In de autobiografie van Jung valt zo mooi te lezen hoe hij de ander leerde kennen door eerst zichzelf te leren kennen. Opvoeden blijft daarmee een activiteit waar je in alle vezels en haarvaten uitgedaagd en betrokken wordt. Opvoeden is ook: zelf zichtbaar worden.
Vooruitziend: de komende tijd doet een groot appél op het effectief strijdend vermogen van iedere professional.
In gewoon Nederlands: “spreek je krachtig uit en laat zien waar je (zelf) staat.”
 
 
 
Van Hoop des Vaderlands
2012/01/12 17:15:55
 
 
Ooit, in een grijs verleden, maakte ik deel uit van het dienstplichtig leger van Nederland.
In die tijd, begin jaren 70, werd ik regelmatig aangesproken met ‘Hoop des vaderland’ en ‘Nederlands hoop in bange dagen’.
Ik trok dan een beetje mijn schouders op en dacht bij mezelf: “Nou ja, als je het van mij moet hebben….”
 
Eind december 2011 promoveerde historica Angela Crott. aan de Radboud Universiteit op onderzoek naar opvoedingsliteratuur over jongens tussen 1882 en 2005.
De titel:” Van Hoop des Vaderlands naar ADHD’er”. [1]
Begin twintigste eeuw werden jongens nog gezien als man-in-wording, op weg naar een belangrijke rol in de maatschappij. Dat ze in de tussentijd brutaal en baldadig waren hoorde erbij. Tegenwoordig zijn diezelfde eigenschappen een probleem.”
 
Nadat ik haar proefschrift  had gelezen, ontstond bij mij het beeld van een dappere ridder die zichzelf een aantal decennia later als Don Quichotte terugvindt. Ziedaar, de jongen anno 2012.
In mijn beleving karakteriseert dit onderzoek tevens de identiteitscrisis waar de Jeugdzorg inzit.
We zijn het kwijtgeraakt, dat we jongens ( en hun gedrag) kunnen zien in het licht van “man-in-wording”. De Jeugdzorg richt zich (teveel) op het directief aanpakken van deviant gedrag. Ook Mischa de Winter e.a. wijzen op een te eenzijdige focus binnen de Jeugdzorg op het gedrag; het gaat om meer, veel meer……..[2]
 
In haar proefschrift  schetst Angela Crott elf maatschappelijke veranderingen die bijdragen aan het problematiseren van jongensgedrag. Drie daarvan hebben volgens haar zelfs prominent bijgedragen, n.l.:
-          De individualisering;  jongens worden op zichzelf teruggeworpen
-          De uitbreiding van de leerplicht en m.n. de verwetenschappelijking daarvan  en
-          De vrouwenemancipatie.
 
Van “Hoop des Vaderlands naar ADHD’er”; we zijn toch wel een eind uit koers geraakt…….
De kern van haar bevindingen is, dat we de achterliggende decennia, jongensgedrag zijn gaan problematiseren.
Als je uit koers bent geraakt, hoef je je kompas maar een paar graden bij te stellen om grote verandering te bewerkstelligen. In haar onderzoek reikt Crott één oplossingsrichting aan: we moeten meer begrip en waardering opbrengen voor jongensgedrag.
 
Begrip vereist inlevingsvermogen en waardering het besef dat iemand waardevol is.
 
We zijn bezig met een transitie Jeugdzorg maar ook toe aan een koerswijziging: minder systeemgericht en meer mensgericht. Wanneer we het kompas op deze graden zetten (als organisatie de professional nauwkeurig volgen en servicegericht ondersteunen in het inleven en waarderen), kunnen grote wijzigingen gerealiseerd worde.
Met uiteindelijk het doel: de jongen weer zien als “Hoop des vaderlands”.
 
Mijn inschatting is, dat het de professional wel lukt om inlevend en waarderend te zijn.
Hij heeft daarvoor drie basisvragen waarmee hij aan de slag kan: “Wie ben je? Hoe gaat het met je? Wat kan ik voor je doen?”
 
Maar: Krijgt de zorgaanbieder het voor elkaar om dienstverlenend te zijn?
Zijn noties als “Positief opvoeden” [3] toereikend om organisaties op de goede koers te krijgen?
Ik denk dat er meer nodig is; n.l. een bewuste en radicale keuze voor dienstverlening.
De zorgaanbieder die dienstverlenend is aan de professional, die “de-man-in-wording” ziet achter de baldadige en lawaaierige jongen.
Immers: van hen moeten we het straks hebben……….
 
 
Gegroet, gegroet, gij vrolijke en gezonde, lustige en stevige knapen; gegroet, gegroet, gij speelse en blozende hoop des vaderlands! Mijn hart gaat open als ik u zie, in uw vreugde, in uw spel, in uw uitgelatenheid; in uw eenvoudigheid; in uw vermetele moed. Mijn hart krimpt toe, als het bedenkt wat er, ook van u worden moet. Of zult gij, die daar beurtelings een frisse beet uit een zelfde appel doet, in later jaren nooit gewaar worden dat het nodig is de appel in een hoek te nemen en alleen op te eten; ja, de schillen weg te stoppen, en de pitten te zaaien voor uw nakomelingschap? En gij, die daar geduldig uw sterker rug leent aan uw vlugger vriend, die zich op uw schouders verheft om in de boom het spreeuwennest te zoeken, dat heel hoog ligt: zal de ondervinding u de verdrietige wijsheid onthouden, dat het beter is zelf een ladder te krijgen, en zelf het nest uit te halen, dan een goede dienst te doen en af te wachten òf en hoe men u zal belonen? [4]
 
 


[1] Een wetenschappelijke proeve op het gebied van de Letteren. Proefschrift ter verkrijging van de graad van doctor aan de Radboud Universiteit Nijmegen op gezag van de rector magnificus prof. mr. S.C.J.J. Kortmann,. Woensdag 21 december 2011. Angèlina Josephina Maria Crott
[2] Verbeter de wereld, begin bij de opvoeding. Mischa de Winter (2010)
[3] Van denken naar doen; Stam en van Yperen, november 2010
[4] Jongens; Hildebrand’s Camera Obscura
Welkom
2010/04/06 12:42:17
Beste bezoeker van mijn website,

<<< Hiernaast vindt u weblogs met betrekking tot mijn boek 'Niet zonder ons...', de organisatie Gezinshuis.com en de zaken die ik in het dagelijks leven tegenkom.
Indien u meer weblogs wilt lezen, dan kunt u die vinden op de site van Gezinshuis.com.

Ik wens u veel leesplezier,

Gerard Besten
5 Totaal items